De commissie heeft een persoonsgebonden kamer, een zaaksgebonden kamer en een rechtspositionele kamer.
In de kamers worden de volgende categorieën bezwaarschriften behandeld:
rechtspositionele kamer: rechtspositionele aangelegenheden van ambtenaren in dienst van de gemeente;
persoonsgebonden kamer: aangelegenheden op het gebied van de sociale zekerheid, urgentieverklaringen, volksgezondheid/wet voorzieningen gehandicapten, invalidenparkeerkaarten en daaraan gelijk te stellen categorieën;
zaaksgebonden kamer: alle bezwaren die niet door een andere kamer worden behandeld, tenzij de kamer anders beslist.
Elke kamer bestaat uit ten minste drie leden:
een voorzitter overeenkomstig artikel 7:13 Awb, zijnde de voorzitter of een van de leden van de commissie, uit haar midden aangewezen.
Ten minste twee andere leden, door de commissie aangewezen uit haar midden.
De commissie wijst uit haar midden voor elk lid een plaatsvervanger aan.
De kamer kan beslissen dat de behandeling van een bezwaarschrift door de commissie zal geschieden.
De commissie kan andere kamers dan in het eerste lid genoemd instellen. De commissie stelt voor elke kamer vast welke categorie of categorieën bezwaarschriften door haar zullen worden behandeld.
Op de werkwijze van de kamers is het bepaalde in deze verordening zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.