Naar hoofdinhoud
1.. Deze paragraaf verstaat onder: openbare inrichting: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie worden bereid of verstrekt en een bij dit bedrijf behorend terras en andere aanhorigheid; terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt; terrasuitstalling: een binnen één meter van de gevel van de openbare inrichting liggend terras, waarbij op het trottoir een vrije doorgang van 1,5 meter in een rechte lijn dient te worden opengelaten; exploitant: de natuurlijke persoon of personen aan wie een exploitatievergunning is verleend of voor wiens rekening en verantwoordelijkheid een openbare inrichting wordt geëxploiteerd; beheerder: degene die als zodanig in de vergunning als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid is vermeld en naast de exploitant optreedt als leidinggevende; horecaconcentratiegebied Pijnacker Centrum: het gebied gelegen tussen de Oost-/Westlaan en de Stationsstraat in Pijnacker bestaande uit: Stationsstraat, Emmapark, Raadhuisplein, Ackershof, Kerkweg, Oostlaan, Westlaan en Noordweg; paracommerciële rechtspersoon: een rechtspersoon niet zijnde een naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die zich naast activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard richt op de exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf; paracommerciële inrichting: een inrichting geëxploiteerd door een paracommerciële rechtspersoon. 2.. Deze paragraaf verstaat niet onder bezoekers: de gezinsleden van de exploitant en beheerder, alsmede zijn elders wonende bloed- en aanverwanten, in de eerste lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad; houders/werknemers/personen in loondienst van het horecabedrijf of een schoonmaakbedrijf, wier aanwezigheid in de inrichting noodzakelijk is in verband met (schoonmaak)werkzaamheden; de personen die voorkomen in het register als bedoeld in artikel 438 van het Wetboek van Strafrecht, alsmede personen bedoeld in artikel 438, derde lid van het Wetboek van Strafrecht; de personen wier aanwezigheid in de inrichting wegens dringende redenen noodzakelijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel