Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp 2017

Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de wet. De hoogte van een pgb: wordt bepaald op basis van de kostprijs van de maatwerkvoorziening die de jeugdige of zijn ouders zou hebben ontvangen als maatwerkvoorziening in natura; is gebaseerd op een in overleg en samenwerking met de belanghebbende opgesteld plan over hoe zij het pgb gaan besteden; is toereikend om effectieve en kwalitatief goede ondersteuning in te kopen dit geldt ook bij besteding aan een persoon vanuit het sociaal netwerk of door hulpverleners die niet aan de kwaliteitseisen van een professional voldoen. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie adequate goedkoopste in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. Het college bepaalt bij nadere regeling de berekeningswijze van het vast te stellen pgb-tarief. De persoon aan wie een pgb wordt verstrekt, kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk: dat deze persoon maximaal een door het college bij nadere regel vastgesteld tarief betaald krijgt voor zijn diensten; dat deze persoon heeft aangegeven dat de zorg aan de belanghebbende voor hem niet tot overbelasting leidt; dat tussenpersonen of belangbehartigers niet uit het pgb mogen worden betaald, en dat de interventie van de betreffende jeugdhulp niet hoger is dan niveau 4, zoals bedoeld in artikel 2, lid 2. De interventies van niveau 5 of hoger zijn te intensief of te gespecialiseerd om door het sociaal netwerk te worden uitgevoerd, met uitzondering van kortdurend verblijf en netwerk pleegzorg. Het pgb wordt uitsluitend aangewend voor kosten die noodzakelijk zijn in verband met de hulpvraag van de cliënt. De volgende kosten zijn in ieder geval uitgesloten: bemiddelingskosten. kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van het pgb. contributies voor het lidmaatschap van per Saldo. het volgen van cursussen over het pgb. kosten voor het bestellen van informatie materiaal. kosten die gemaakt worden voor het reizen. kosten die gemaakt worden gerelateerd aan wonen, zoals huurbetalingen. administratiekosten, coördinatiekosten of belangenbehartiging. De budgethouder die een pgb ontvangt dat meer bedraagt dan € 1.500,00 per jaar kan 1,5% van dit budget vrij besteden, met een maximum van € 1.250,00 per jaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel