**1..** Subsidiepercentages en het maximaal beschikbare subsidiebedrag per project worden vastgesteld in het Uitvoeringsprogramma.
**2..** Subsidiabele investeringskosten van een infrastructuurproject zijn:
studies voor het betrokken project;
noodzakelijke verwerving van een onroerende zaak;
vergunningen en leges;
bouwrente, gebaseerd op het rentepeil van de meest recente staatslening op het moment van gunning van het werk;
aanleg, bouw, wijziging of inrichting van infrastructuur;
met het project samenhangende schadevergoeding aan derden;
de krachtens de Wet op de Omzetbelasting 1968 verschuldigde belasting voor zover die niet kan worden teruggevorderd of gecompenseerd door het BTW-compensatiefonds;
onvoorziene omstandigheden, voor zover die betrekking hebben op kosten genoemd in de onderdelen a tot en met f.
**3..** Lokaal maatwerk wordt als budgetsubsidie toegekend. Kosten die van 1 januari tot en met 31 december van het jaar waarin de budgetsubsidie is opgenomen in het Uitvoeringsprogramma en besteed zijn aan de aangemelde projecten en activiteiten zijn subsidiabel.
**4..** Bij een aanvraag van een budgetsubsidie (budgetsubsidie is een lumsumbedrag waaruit diverse projecten kunnen worden bekostigd) voor lokaal maatwerk zijn ook kosten ten behoeve van gedragsbeïnvloeding en overige maatregelen in het kader van verkeer- en vervoerbeleid subsidiabel.
**5..** VAT-kosten zijn ook subsidiabele investeringskosten, met dien verstande dat de subsidie voor deze kosten maximaal 16% van de subsidiabele investeringskosten vermeld in tweede lid bedraagt. GS kunnen voor incidentele projecten besluiten tot een hoger percentage.
Paragraaf 1
Artikel 7