De aangifte wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres zich bevindt.
De aangever is verplicht om bij de aangifte tot briefadres alle benodigde stukken te overleggen.
Onder benodigde stukken als bedoeld in het tweede lid wordt in ieder geval verstaan:
een geldig identiteitsbewijs;
de schriftelijke en ondertekende verklaring van de aangever met reden(en) voor de aangifte en de te verwachten periode dat het briefadres noodzakelijk is;
een geldig identiteitsbewijs, of een kopie ervan, én een schriftelijke en ondertekende verklaring van instemming, van de briefadresgever;
de ingevulde en ondertekende aanvraag inschrijving briefadres, als het briefadres wordt verzocht op grond van artikel 2, onder 1.
Als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, lid 4, is een schriftelijke verklaring van de burgemeester noodzakelijk waaruit blijkt dat opname van een woonadres niet wenselijk is.
Als het briefadres noodzakelijk is op grond van artikel 2, lid 1, onder f en g, dient de noodzaak te blijken uit een onderliggend dossier.
De briefadresgever die als ingezetene in de BRP ingeschreven staat, kan maximaal aan twee gezinshuishoudens, aan twee alleenstaanden of aan een gezinshuishouden en een alleenstaande toestemming geven een briefadres te houden.
Hoofdstuk 1
Artikel 3.
Voorwaarden briefadres
Onderdeel van Regeling briefadres wet basisregistratie personen gemeente Almelo 2017