Aan het college en de burgemeester blijft voorbehouden de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen die zijn neergelegd in een document, gericht tot:
de Koningin en andere leden van het Koninklijk Huis;
de ministerraad of een daaruit gevormde onderraad of commissie, ministers en staatssecretarissen;
de voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal of van een uit die Kamer gevormde commissie;
de president van de Algemene Rekenkamer;
Onverminderd het gestelde in het eerste lid is het mandaat niet van toepassing indien de verantwoordelijke portefeuillehouder namens het college beslist dat de aangelegenheid door het college moet worden afgedaan en indien de burgemeester beslist dat de aangelegenheid door hem moet worden afgedaan. De portefeuillehouder wordt tijdig geïnformeerd over gevoelige kwesties.
Het college respectievelijk de burgemeester kan instructies geven over de wijze waarop de gemandateerde bevoegdheden worden uitgeoefend.
Artikel 3
Algemene uitzonderingen van mandaat
Onderdeel van Besluit mandaat, volmacht en machtiging gemeente Twenterand 2017