Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 8.

Voorschriften gebruik ontheffing

Onderdeel van Beleidsregels medegebruik busbanen Veldhoven

De ontheffinghouder mag slechts gebruik maken van busbanen of -stroken die als zodanig gedefinieerd zijn volgens artikel 1 van het RVV 1990; Uit oogpunt van handhaafbaarheid moet bij gebruikmaking van de ontheffing, deze in het motorvoertuig aanwezig zijn en, met de voorzijde naar boven, altijd goed zichtbaar en leesbaar achter de voorruit zijn aangebracht; Bij gebruik van een ontheffing toont de bestuurder de ontheffing op verzoek aan politie of ambtenaar in functie; De ontheffinghouder dient de bepalingen van deze beleidsregels te kennen en toe te passen bij het gebruik van de ontheffing; De ontheffing is persoons- of bedrijfsgebonden, kentekengebonden en niet overdraagbaar; Een ontheffing, waarvan de geldigheid is verlopen, dient uit het voertuig verwijderd te zijn; De ontheffinghouder is verplicht de aanwijzingen van de verkeerslichtenregeling voor het openbaarvervoer, het ‘negenoog’, te kennen en in acht te nemen, alsmede de bebording en markering die op de rijrichting en het verkeer in zijn algemeenheid betrekking hebben; De ontheffinghouder dient haltes voor het openbaar vervoer met gepaste/verminderde snelheid te passeren; De ontheffinghouder mag op busbanen geen voertuigen inhalen.

Rechtspraak bij dit artikel