Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 20

- Gespecialiseerd casemanagement

Onderdeel van Besluit jeugdhulp gemeente Hulst 2015

1.. Binnen de voorzieningen als bedoeld in artikel 16 lid 3 van dit besluit onderscheiden we de volgende categoriën: Generiek Gezinsgericht Werken (drangzaken) uitgevoerd door Intervence; Begeleiding van cliënten met een specifieke beperking of problematiek, zoals blinden en doven, waarvoor binnen het team Jeugd en Gezin niet voldoende kennis en expertise aanwezig is om de begeleiding zelf ter hand te nemen. 2. . De inzet van de voorzieningen als bedoeld onder lid 1a en 1b geschiedt primair op grond van de professionele afweging van de medewerkers van het team Jeugd en Gezin. Beoordeling en toetsing door het ondersteuningsteam is optioneel, op grond van professionele inschatting van medewerker team Jeugd en Gezin. 3. . Voor voorzieningen als bedoeld onder lid 1a en 1b geldt dat een zorgopdracht (of zorgtoewijzing) toegezonden dient te worden aan de betreffende jeugdhulpverlener(s) en aan de inkooporganisatie. 4. . De inkooporganisatie draagt zorg voor de betaling aan de jeugdhulpaanbieder conform de overeengekomen tarieven. Indien het gaat om de inzet van gespecialiseerd casemanagement uitgevoerd door Intervence (product Generiek Gezinsgericht Werken, drang) dan worden geen afzonderlijke trajecten betaald, maar is de betaling geregeld binnen de subsidieovereenkomst tussen Intervence en de 13 Zeeuwse gemeente. 5. . Er kan geen PGB worden verstrekt voor gespecialiseerd casemanagement als bedoeld onder lid 1a. 6. . Voor de voorzieningen als bedoeld onder lid 1b geldt dat de hoogte van het PGB 75% bedraagt van de kostprijs van de vergelijkbare zorg in natura, zoals overeengekomen door de inkooporganisatie met de jeugdhulpaanbieders. 7. . Voor de voorziening als bedoeld onder lid 1a en 1b is geen eigen bijdrage verschuldigd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel