In Participatiewet wordt aangegeven wie recht hebben op bijstand. De artikelen 11 en 13 PW passen we analoog toe in deze autonome verordening. Hieruit volgt dat:
alleen mensen die hier te lande verblijven recht hebben op de tegemoetkoming.
vreemdelingen die rechtmatig in Nederland verblijven en die voldoen aan het gestelde in artikel 11 lid 2 en 3 Pw recht hebben op een tegemoetkoming.
Gedetineerden, verpleegden en studenten geen recht hebben op een tegemoetkoming.
De bepalingen 2, 3 en 4 zijn van belang bij de toetsing van de situatie op het moment van de aanvraag.
Een zelfstandige kan evenzeer in financieel moeilijke omstandigheden geraken of verkeren. Naast het volledig uitoefenen van het ondernemerschap kunnen ook zelfstandige activiteiten worden verricht in combinatie met bijvoorbeeld arbeid in loondienst. Deze activiteiten hebben in de regel een bescheiden karakter. Voor het bepalen van het inkomen gaan we uit van een boekjaar en delen dat inkomen door twaalf.
Eén van de voorwaarden om voor de tegemoetkoming in aanmerking te komen is dat een belanghebbende voldoet aan de vermogensbepalingen. In de wet worden voor eigen woning bezit vermogensvrijlatingen genoemd. Deze vermogensvrijlatingen zijn ook van toepassing op de verlening van de tegemoetkoming. In de wet wordt echter aangegeven dat als iemand als gevolg van het bezit van een eigen woning meer vermogen heeft dan het vermogen dat vrijgelaten mag worden er bijstand verleend wordt in de vorm van een lening. Het is niet de bedoeling om de tegemoetkoming in de vorm van een lening te verstrekken. In de situatie dat iemand als gevolg van het eigen woning bezit meer vermogen heeft dan toegestaan en een inkomen heeft kleiner dan 110% van de bijstandsnorm, wordt de tegemoetkoming á fonds perdu verleend.
Mensen met veel schulden hebben weinig te besteden. Schuldenaren die bij de gemeentelijke afdeling schulddienstverlening (SDV) een traject doorlopen worden in sommige gevallen teruggezet op een minimaal besteedbaar inkomen. Dit minimale besteedbare inkomen wordt vastgesteld door berekening van het “vrij te laten bedrag (VTLB)”. In artikel drie wordt bepaald dat deze groep van mensen ook recht hebben op de tegemoetkoming indien in de peilmaand het VTLB van toepassing is.
Artikel 2,
3 en 4 Wie komt wel of niet voor tegemoetkoming in aanmerking?
Onderdeel van Verordening participatie volwassenen gemeente Zwolle 2017