Het college stelt jaarlijks genormeerde uurtarieven vast voor:
2- en 3-jarige kinderen met VVE-indicatie en met recht op kinderopvangtoeslag;
2- en 3-jarige kinderen met VVE-indicatie en zonder recht op kinderopvangtoeslag;
2- en 3-jarige kinderen zonder VVE-indicatie en zonder recht op kinderopvangtoeslag.
Het college compenseert het verschil tussen het genormeerd uurtarief voor kinderen met VVE-indicatie, met recht op kinderopvangtoeslag en het maximum uurtarief volgens de Wet kinderopvang.
Het college compenseert het verschil tussen het genormeerd uurtarief voor kinderen met en zonder VVE-indicatie, zonder recht op kinderopvangtoeslag en de voor hen geldende ouderbijdrage volgens de vastgestelde ouderbijdragen-tabel.
Voor de subsidie geldt dat:
voor kinderen met VVE-indicatie de maximale hoogte van het aantal te subsidiëren uren per week 10 uur bedraagt en het maximale aantal te subsidiëren openingsweken per jaar 40 weken bedraagt;
voor kinderen zonder VVE-indicatie de maximale hoogte van het aantal te subsidiëren uren per week 5 uur bedraagt en het maximale aantal te subsidiëren openingsweken per jaar 40 weken bedraagt;
in de subsidieverlening het maximum aantal uren wordt vermeld waarvoor in dat jaar een subsidie kan worden verkregen.
HOOFDSTUK 1: › Paragraaf
Artikel 12
Hoogte van de subsidie voor VVE- en reguliere peuteropvang
Onderdeel van Subsidieregeling Voor- en Vroegschoolse Educatie, ISK en Schakelklassen Dordrecht 2018