Naar hoofdinhoud
a.. Voor het bepalen van de hoogte van het in aanmerking te nemen inkomen worden alle netto inkomensbestanddelen (artikel 31 lid 3 Participatiewet) waarover de alleenstaande of het gezin beschikt of redelijkerwijs kan beschikken (artikel 31 lid 1 Participatiewet) meegenomen; b.. In afwijking van het bepaalde onder a wordt bij de vaststelling van het in aanmerking te nemen inkomen een verstrekte individuele inkomenstoeslag en individuele studietoeslag buiten beschouwing gelaten; c.. De middelen genoemd in artikel 31 lid 2 van de wet worden voor het bepalen van de hoogte van het in aanmerking te nemen inkomen niet tot het draagkrachtinkomen van de belanghebbende gerekend; d.. Het inkomen wordt op dezelfde wijze vastgesteld als bij de algemene bijstand, conform de artikelen 32 en 33 van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel