1. De toestemming voor de aanvraag van een reisdocument of Nederlandse identiteitskaart ten behoeve van een handelingsonbekwame kan zowel in persoon als niet in persoon worden gedaan.
2. Indien een gezaghouder in persoon verschijnt bij de aanvraag voor een reisdocument of Nederlandse
identiteitskaart ten behoeve van een handelingsonbekwame geeft hij/zij -al dan niet gezamenlijk met de andere gezaghouder- toestemming op vertoon van (een kopie van) zijn/haar Nederlandse reisdocument bij de ambtenaar van het team Burgerzaken.
3. Indien een gezaghouder niet in persoon verschijnt bij de aanvraag voor een reisdocument of Nederlandse identiteitskaart ten behoeve van een handelingsonbekwame, dient de toestemming te worden gegeven onder gelijktijdig vertoon van een (kopie van een) Nederlands reisdocument van de desbetreffende gezaghouder.
4. Als van een toestemming gevende gezaghouder redelijkerwijs geen (kopie van een) reisdocument kan
worden verlangd, dient bij de aanvraag voor een reisdocument of Nederlandse identiteitskaart een ander legitimatiebewijs, conform artikel 1, onder g te worden overgelegd.
5. Wanneer evenmin aan lid 4 kan worden voldaan, dient van de daarin bedoelde gezaghouder andere
stukken voorzien van diens foto en handtekening te worden overgelegd.
Artikel 2.
Documenten voor vaststelling identiteit
Onderdeel van Beleidsregels toestemming reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaarten.