Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Bevoegdheden van de onderzoekscommissie

Onderdeel van Verordening op het onderzoeksrecht van de raad 2017

1.. De onderzoekscommissie besluit alvorens het eerste getuigenverhoor plaats vindt of getuigen uitsluitend verhoord worden na het afleggen van de eed of belofte. 2.. De onderzoekscommissie kan buiten de in artikel 155b, eerste lid, van de Gemeentewet genoemde personen tevens anderen verzoeken om medewerking aan het onderzoek te verlenen. Laatstgenoemde medewerking geschiedt slechts op vrijwillige basis. 3.. De onderzoekscommissie kan besluiten derden in te schakelen voor het uitvoeren van opdrachten die zij in het kader van de onderzoeksopdracht en de uitoefening van haar taak nodig acht. 4.. De onderzoekscommissie kan in het belang van het onderzoek in beslotenheid met een ieder verkennende en informatieve gesprekken voeren, welke als zodanig geen onderdeel van het onderzoek uitmaken. 5.. De onderzoekscommissie kan bovengenoemde bevoegdheden, met uitzondering van het houden van verkennende gesprekken, uitsluitend uitoefenen indien ten minste drie van haar leden aanwezig zijn. 6.. De onderzoekscommissie besluit met meerderheid van stemmen. 7.. De onderzoekscommissie stelt in een protocol nadere regels omtrent het onderzoek vast. In het protocol wordt in ieder geval vastgelegd: de wijze van rapportage van de onderzoekscommissie aan de raad; op welke wijze contacten met personen als bedoeld in artikel 155b, eerste lid, Gemeentewet, en derden plaatsvinden. 8.. De verordening op de raadscommissies is niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel