1. Het bestuur bestaat uit vier leden. De colleges wijzen uit hun midden ieder twee leden van het bestuur aan.
2. De zittingsduur van de leden van het bestuur is gelijk aan die van de colleges.
3. Als een lid van een college aftreedt of wordt ontslagen, vervalt met gelijke ingang daarvan het lidmaatschap van het bestuur. Het betreffende college vervult de vacature zo spoedig mogelijk.
4. De colleges wijzen voor ieder door hen aangewezen lid tevens een plaatsvervangend lid uit hun midden aan, dat het lid bij afwezigheid kan vervangen.
HOOFDSTUK 4
Artikel 6
Inrichting en samenstelling van het bestuur
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Bedrijfsvoeringsorganisatie Rijn en Braassem