De doelen en haalbaarheid van de gemeentelijke klimaatambities worden mede bepaald door internationaal en nationaal klimaatbeleid. Een van de belangrijkste afspraken op internationaal niveau is dat in 2020 de uitstoot van broeikasgassen 20% lager moet zijn dan in 1990. De Nederlandse overheid sluit zich hierbij aan en voert beleid gericht op het verminderen van de CO2-uitstoot. Nederland heeft in september 2013 met het SER Energieakkoord een belangrijke stap gezet op weg naar een schonere toekomst. Kern van dit akkoord zijn breed gedragen afspraken over energiebesparing, schone technologie en klimaatbeleid. De Rijksoverheid wil in 2050 helemaal geen uitstoot van broeikasgassen meer. Als eerstvolgende tussenstap heeft zij de doelstelling opgesteld van 16% duurzame energie in 2023.
Met de Klimaatagenda bouwt de rijksoverheid voort op het SER Energieakkoord. In de Klimaatagenda laat het Rijk weten hoe en wat Nederland nationaal en internationaal wil bereiken, in samenwerking met andere partijen in binnen- en buitenland zoals het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en andere overheden.
Vanuit de ontwikkeling van een lineaire economie naar een circulaire economie zijn op internationaal en nationaal niveau eveneens een aantal doelstellingen opgesteld. De Wet milieubeheer en diverse internationale richtlijnen verplichten Nederland om periodiek een of meerdere afvalbeheerplannen op te stellen. Dit is het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP), waarvan de derde versie in de maak is. Daarnaast is in het kader van het VANG-programma (Van Afval naar Grondstof), een aantal doelstellingen geformuleerd. De belangrijkste zijn 75% bronscheiding en 100 kilogram restafval per inwoner per jaar in 2020.
Een andere belangrijke ontwikkeling in Nederland is de invoering van de nieuwe omgevingswet. Deze wet integreert een groot aantal wetten en geeft de mogelijkheid om ruimtelijke vraagstukken beter op elkaar af te stemmen, waardoor onder andere duurzame bouw, hernieuwbare energievoorzieningen en waterbergingen gemakkelijker meegenomen kunnen worden in ruimtelijke plannen. Met de komst van de nieuwe wet zal de rol van de gemeente veranderen.
In de afgelopen jaren periode zijn door de Noord-Hollandse gemeenten en de provincie Noord-Holland klimaatafspraken gemaakt. Belangrijke thema’s waren duurzame nieuwbouw, duurzaamheid in bestaande bouw, lokale energieproductie en een energieneutrale regio. Het is op het moment nog onduidelijk of nieuwe afspraken gemaakt gaan worden. Wel neemt de provincie op het moment het voortouw bij initiatieven op het gebied van de warmtetransitie en duurzame opwekking van energie.
Omdat we als gemeente veel onderwerpen efficiënter met de regio kunnen oppakken werken we samen met de regiogemeenten in onder andere de VVRE en verschillende regionale projecten zoals de werkgroepen voor de warmtetransitie.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2
Bestuurlijke kaders
Onderdeel van Duurzaamheidsvisie 2018 – 2021 met onderliggend programma