a. college: het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade;
b. eigenaar: degene die bevoegd is tot het in gebruik geven van woonruimte of een gebouw. Onder "eigenaar in de zin van het Burgerlijk Wetboek" wordt in deze verordening en de daarop berustende bepalingen mede verstaan: de erfpachter, vruchtgebruiker, gerechtigde tot een appartementsrecht als bedoeld in artikel 106 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, of degene aan wie door een rechtspersoon het gebruiksrecht van een woonruimte is verleend.
c. huishouden: een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;
d. woonruimte: besloten ruimte die, al dan niet samen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden;
e. zelfstandige woonruimte: woonruimte die een eigen toegang heeft en die door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen (zoals douche, keuken en toilet) buiten die woonruimte;
f. onzelfstandige woonruimte: een verblijfsruimte die door de aard van de inrichting en gebruik, het privédomein is van één bewoner die daarbij is aangewezen op het gebruik van gemeenschappelijke en wezenlijke voorzieningen buiten zijn verblijfsruimte.
g. bijzondere woonruimte: deze woonruimtes vallen vanwege hun bijzondere karakter niet onder de vergunningsplicht. Onder bijzondere woonruimte wordt in ieder geval verstaan: seniorencomplexen, herstelinrichtingen of verzorgingstehuizen.
h. kamerverhuurpand: gebouw of een deel van een gebouw met, of geschikt te maken voor, drie of meer kamers, niet vallende onder het begrip logiesgebouw en/of logiesverblijf als bedoeld in het Bouwbesluit, welke kamers als hoofdverblijf apart zijn of kunnen worden bewoond door personen die geen duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren.
i. gemeenschappelijke voorzieningen: ruimten, opstelplaatsen, aansluitingen, installaties, apparatuur en dergelijke die gebruikt kunnen worden door de bewoners van drie of meer onzelfstandige woonruimtes;
j. omzetting woonruimte: het omzetten van een zelfstandige woonruimte in een onzelfstandige woonruimte;
k. huurprijs: de prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte, uitgedrukt in een bedrag per maand;
l. bewoning: met bestemming tot bewoning wordt bedoeld dat men daar permanent
woont en daar zijn hoofdverblijf heeft, zoals bedoeld in de Wet gemeentelijke basisadministratie;
m. buurt: deel van een wijk volgens de wijk- en buurtindeling van de gemeente Kerkrade.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf
Artikel 2:75
Begripsbepalingen:
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade 2017