Naar hoofdinhoud
Het college mandateert de bevoegdheid inzake rechtspositionele aangelegenheden aan de gemeentesecretaris/algemeen directeur, met uitzondering van de in lid 3 genoemde bevoegdheden. Het college verleent aan de gemeentesecretaris/algemeen directeur volmacht en machtiging voor rechtshandelingen en feitelijke handelingen, die betrekking hebben op het personeel van de gemeente in hun hoedanigheid van medewerker van de gemeente, met uitzondering van de in lid 4 genoemde bevoegdheden. Uitgezonderd van het in lid 1 genoemde mandaat zijn: rechtspositionele besluiten die betrekking hebben op de gemeentesecretaris/algemeen directeur; rechtspositionele besluiten die betrekking hebben op de directeur bedrijfsvoering; beslissingen op bezwaar naar aanleiding van de in lid 1 genoemde besluiten. Uitgezonderd van de in lid 2 genoemde volmacht en machtiging zijn rechtshandelingen en feitelijke handelingen die betrekking hebben op de gemeentesecretaris/algemeen directeur en de directeur bedrijfsvoering.

Rechtspraak bij dit artikel