Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.2.

Zienswijzen/spoedeisende bestuursdwang

Onderdeel van Beleidsregels Artikel 13b Opiumwet Gemeente Winterswijk

Het opleggen van bestuursdwang wordt in het algemeen voorafgegaan door een voorgenomen besluit. De belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld om op grond 4.8 lid 1 Awb een zienswijze in te dienen. Vervolgens krijgt de overtreder de gelegenheid om gedurende de begunstigingstermijn de overtreding te herstellen. Dit herstellen komt er op neer dat de overtreder zelf de gelegenheid krijgt om de woning/lokaliteit te sluiten. In het geval van de last onder bestuursdwang van art. 13b Opiumwet heeft de begunstigingstermijn enkel tot doel de belanghebbende in de gelegenheid te stellen de tenuitvoerlegging van het bevel, zijnde de daadwerkelijke sluiting van overheidswege, te voorkomen door zelf tot sluiting over te gaan. De begunstigingstermijn wordt in de meeste gevallen vastgesteld op 48 uur. Dit tenzij er sprake is van spoedeisend belang. Op grond van 5:31 Awb kan de burgemeester in spoedeisende gevallen besluiten over te gaan tot het toepassen van bestuursdwang (in dit geval sluiten van het pand) zonder voorafgaande last. Er is in ieder geval sprake van spoedeisend belang indien: er vuur- en steekwapens of explosieven zijn aangetroffen in het pand; er sprake is van verkoop van drugs aan minderjarigen; er sprake is van het bezit van harddrugs door een minderjarige in het pand; aan het gebruik van het pand te relateren ernstige geweldsdelicten (waaronder geweld tegen een ambtenaar in functie) of ernstige incidenten waarbij de openbare orde, veiligheid of gezondheid in het geding is. er gevaar is voor de veiligheid van personen of goederen. Denk daarbij aan de situatie dat er (brand-)gevaarlijke situaties zijn als gevolg van de aanwezigheid van productiefaciliteiten voor drugs.

Rechtspraak bij dit artikel