Het is verboden zonder vergunning van het dagelijks bestuur met een LNG-bunkerschip te LNG-bunkeren.
Bij de aanvraag voor een vergunning, als bedoeld in het eerste lid, wordt in ieder geval het volgende verstrekt:
de gegevens van het bedrijf van de aanvrager, naam en functie van aanvrager;
de gegevens van de in te zetten LNG-bunkerschepen die onder de werking van de vergunning vallen;
de documentatie genoemd in de ISO standaard 118683, hoofdstuk 11;
de toegepaste voorziening voor het aankoppelen van de LNG bunkerleiding;
de toegepaste afmeervoorzieningen van het LNG-bunkerschip.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1.5, eerste lid, kan het Dagelijks Bestuur voorschriften en beperkingen verbinden aan de vergunning, bedoeld in het eerste lid, die onder meer betrekking kunnen hebben op:
de veiligheid tijdens het LNG-bunkeren;
de procedures voor het tegengaan en controleren van risicovolle situaties;
de functionele eisen voor risico mitigatie;
de opleiding van het personeel;
het afmeren van het LNG-bunkerschip;
locaties waar LNG-bunkeren is toegestaan.
Tijdens de looptijd van de vergunning worden wijzigingen ten opzichte van de bij de aanvraag verstrekte gegevens onmiddellijk aan het Dagelijks Bestuur gemeld.
Paragraaf 6
Artikel 6.4