Naar hoofdinhoud
1.. Binnenhaven- en liggeld worden niet geheven ter zake van: vaartuigen waarmede van het gemeentelijke vaarwater gebruik wordt gemaakt ten behoeve van het onderhoud van de gemeentelijke havens of havenwerken; hospitaalschepen of schepen die als zodanig dienst doen; vaartuigen uitsluitend voor de openbare dienst in gebruik bij het rijk, provinciën of gemeenten, mits geen personen of lading tegen betaling vervoerende; één volgboot behorende bij een vaartuig waarvoor reeds rechten ingevolge deze verordening worden geheven; vaartuigen welke korter dan vier achtereenvolgende uren gebruik maken van een speciaal daartoe aan te wijzen ligplaats, mits deze tijd uitsluitend wordt benut om in de gemeente inkopen te doen, zaken te behandelen, godsdienstoefeningen bij te wonen en/of medische hulp in te roepen, mits niet wordt geladen of gelost en geen passagiers worden in- of ontscheept; vaartuigen die bij wijze van uitzondering gebruik maken van een speciaal aangewezen ligplaats en uitsluitend tussen 18.00 uur en eerstvolgende dag 8.00 uur, mits geen lading wordt ingenomen of gelost en geen passagiers worden in- of ontscheept. 2.. Ter zake van pleziervaartuigen wordt geen binnenhavengeld geheven.

Rechtspraak bij dit artikel