De persoon die een persoonsgebonden budget ontvangt, geeft de middelen uit in overeenstemming met het pgb-plan. Hij bewaart gedurende een periode van vijf jaar de originele aankoopbewijzen, overeenkomsten en betaalbewijzen van alle tot het bestedingsdoel van het persoonsgebonden budget behorende goederen of diensten.
Deze gegevens worden op verzoek van de gemeente aangeleverd door de persoon aan wie het persoonsgebonden budget is toegekend, binnen een termijn van 20 werkdagen nadat de gemeente hierom heeft gevraagd.
Het pgb mag worden aangewend voor een mantelzorgvergoeding en lidmaatschap van een belangenvereniging voor mensen met een pgb.
Het pgb mag niet worden aangewend voor de betaling van tussenpersonen, belangenbehartigers, bemiddelingskosten, coördinatietaken, cadeaus, feestdagenuitkeringen, begeleidingskosten of administratiekosten.
De cliënt hoeft van het persoonsgebonden budget 1,5% per jaar niet te verantwoorden, met een minimum van € 250,- en een maximum van € 1250,- per jaar. Wanneer de budgetperiode minder is dan een jaar, wordt het verantwoordingsvrije bedrag berekend naar rato.
Wanneer geen passende voorziening in natura beschikbaar is, én niet door de gemeente alsnog gecontracteerd kan worden, én de jeugdige en/of zijn ouder(s) niet in staat is op verantwoorde wijze uitvoering te geven aan het pgb, dan zal de gemeente een coördinator (zorg in natura) aanwijzen of (al dan niet tijdelijk) toestaan dat een pgb-bureau voor ondersteuning wordt ingeschakeld. Er vindt daarbij in ieder geval functiescheiding plaats tussen de coördinatortaken en het bieden van daadwerkelijke hulp.