1. De periode waarover voor een individuele maatwerkvoorziening een bijdrage in de kosten is verschuldigd, is de periode totdat de kostprijs is betaald. Dit geldt voor de volgende voorzieningen:
a. een scootmobiel, voorziening op spierkracht met uitzondering van rolvoorzieningen, aanpassing aan auto of ander verplaatsingsmiddel, collectief vervoer en medisch noodzakelijke begeleiding
b. een persoonsgebonden budget voor de verhuis-en en herinrichtingskosten
c. een persoonsgebonden budget voor een woningaanpassing
d. een in eigendom te verschaffen woonvoorziening van niet bouwkundige of woontechnische aard.
e. met uitzondering van de woningaanpassingen, is geen bijdrage verschuldigd voor hulpmiddelen voor personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt.
2. De periode waarover voor een individuele maatwerkvoorziening een bijdrage in de kosten is verschuldigd, is de periode van gebruiksduur. Dit geldt voor de volgende voorzieningen:
a. Hulp bij huishouden
b. Praktische Thuisondersteuning
c. Thuisondersteuning
d. Persoonlijke verzorging
e. Dagbesteding
f. Kortdurend verblijf
g. Beschermd wonen
h. Opvang, met uitzondering van de algemene voorzieningen
3. Bij herverstrekking van een verplaatsingsmiddel (veelal een scootmobiel) zoals genoemd in lid 1 a van dit artikel én bij een woningaanpassing zoals genoemd in lid 1 c van dit artikel wordt een bijdrage in de kosten opgelegd ter hoogte van de restwaarde van de nieuwwaarde van de voorziening, zoals genoemd in artikel 10 lid 3 van dit Financieel Besluit.
4. Bij het gebruik maken van algemene voorzieningen kan een bijdrage in de kosten worden opgelegd.
De opgelegde bijdrage is verschuldigd voor de periode van de gebruiksduur.
Persoonsgebonden budget (PGB)
Artikel 6.
Periode waarover bijdrage in de kosten is verschuldigd
Onderdeel van Financieel Besluit Wmo 2018 gemeente Leeuwarden