Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 10a.

Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen inclusief pgb’s (alleen Wmo)

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2018

1.. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening , zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt , en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot. 2.. De bijdrage, dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 een lagere bijdrage is verschuldigd. 3.. De kostprijs van een maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder. 4.. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. 5.. In afwijking van artikel 10a, eerste lid geldt dat geen bijdrage is verschuldigd voor: een rolstoel; voorzieningen voor personen jonger dan 18 jaar behoudens een woningaanpassing in overeenstemming met artikel 10a lid 4 van dit besluit; een cliënt met een inkomen tot 110% van de bijstandsnorm zijn vrijgesteld van de eigen bijdrage, tenzij zij tevens gebruik maken van een voorziening op grond van de Wlz; 6.. De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.8, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 7.. In uitzondering op artikel 10a lid 6 van dit besluit geldt voor beschermd wonen dat de bijdrage wordt berekend volgens artikel 3.11 en 3.12 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Voor opvang geldt dat de bijdrage wordt berekend volgens artikel 3.20 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 8.. In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de Wmo, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening door het CAK vastgesteld en geïnd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel