1. Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort tot de personen als bedoeld in artikel 1.22 van de wet. 2. Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een indicatie vast te stellen indien:a. De ouder en/of de partner reeds een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang ontvangt of kan ontvangen; ofb. De ouder en/of de partner niet behoort tot de personen als bedoeld in artikel 1.6, eerste lid, onderdeel k of l van de wet; of c. Het kind vanaf 2½ jaar op grond van de gewichtenregeling in aanmerking komt voor een VVE-plek op de peuterspeelzaal; ofd. Het subsidieplafond wordt overschreden.
Hoofdstuk 3
Artikel 7
Weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening Wet kinderopvang gemeente Twenterand 2012