Ter zake van het betaald parkeren geschiedt het in werking stellen van de parkeerapparatuur:
bij plaatsen waarbij in de tabel in artikel 1 in de kolom ‘wijze van betalen’ een ‘1’ staat: door het inwerpen van muntstukken van € 0,10, € 0,20, € 0,50 of € 1,00;
bij plaatsen waarbij in de tabel in artikel 1 in de kolom ‘wijze van betalen’ een ‘2’ staat: door het inwerpen van muntstukken van € 0,50 of € 1,00;
bij plaatsen waarbij in de tabel in artikel 1 in de kolom ‘wijze van betalen’ een ‘3’ staat: door het inwerpen van muntstukken van € 0,10, € 0,20, € 0,50, € 1,00 of € 2,00;
bij plaatsen waarbij in de tabel in artikel 1 in de kolom ‘wijze van betalen’ een ‘4’ staat: door het inwerpen van muntstukken van € 0,10, € 0,20, € 0,50, € 1,00 of € 2,00, dan wel door middel van het betalen met papiergeld van € 5,--, € 10,--, € 20,-- en € 50,--, dan wel door middel van een bankpas;
bij plaatsen waarbij in de tabel in artikel 1 in de kolom ‘wijze van betalen’ een ‘5‘ staat: door het inwerpen van muntstukken van € 0,10, € 0,20, € 0,50, € 1,00 of € 2,00, dan wel door middel van een bankpas.
Bij inwerkingstelling door middel van muntstukken dienen er ten minste zoveel muntstukken in de parkeerapparatuur te worden geworpen als nodig zijn om de gewenste parkeerduur te kunnen parkeren.
Indien bij het betaald parkeren gebruik wordt gemaakt van parkeerapparatuur welke na inwerkingstelling een parkeerkaartje afgeeft, dient dit parkeerkaartje met de tijdsaanduiding aan de bovenzijde op een van buitenaf duidelijk leesbare plaats achter de voorruit van het motorvoertuig te worden aangebracht.
Betaald parkeren kan tevens geschieden door middel van het kopen van een betaalbewijs voor een dagkaart bij de gemeente Súdwest-Fryslân.
In afwijking van het bepaalde onder 1a, 1b, 1c en 1e kan het in werking stellen van de parkeerapparatuur ook geschieden door het via een telefoon inloggen op de centrale computer van een bij het SHPV aangesloten provider of een provider die met een bij het SHPV aangesloten provider samenwerkt. De aanvang van het parkeren meldt de belastingplichtige door de gebiedscode digitaal door te geven aan de provider. Ook neemt de belastingplichtige de overige voorwaarden van de provider in acht. Wanneer niet aan voornoemde voorwaarden is voldaan, wordt de belasting geheven bij wege van voldoening op aangifte overeenkomstig het bepaalde in het eerste lid van artikel 6 en geldt de betalingstermijn zoals bedoeld in het eerste lid van artikel 7 van de Verordening parkeerbelastingen 2018.