Landelijk zijn er signalen over stroef verlopende contacten tussen bewindvoerders en gemeenten en de nadelige gevolgen daarvan voor burgers die onder bewind zijn gesteld. De Branchevereniging voor Professionele Bewindvoerders en Inkomensbeheerders (BPBI) heeft hier actie op ondernomen met het project ‘Samen Verder’. Doel van dit project is om activiteiten te stimuleren die een duurzame bijdrage leveren aan het tegengaan van armoede- en schuldenproblematiek, de samenwerking tussen gemeenten en beschermingsbewindvoerders verbeteren en de cliënten beter helpen.
Vanuit (regionale) bijeenkomsten en pilots zijn aanbevelingen geformuleerd op het gebied van communicatie , werkprocessen, rolverdeling en rolverheldering, die de basis vormen voor het nieuwe landelijke convenant met een intentieverklaring tot samenwerking.
De gemeenten in Maastricht en Heuvelland herkennen de genoemde signalen. We zien daarnaast een stijging van bijzondere bijstand voor kosten van beschermingsbewind en stellen in sommige gevallen vraagtekens bij noodzaak en tijdsduur van bewindvoering. Het project van de branchevereniging en het daaruit voortgekomen convenant beschouwen we dan ook als een kans om de dialoog aan te gaan met bewindvoerders en inkomensbeheerders in de regio en zo toe te werken naar meer en betere samenwerking, waarbij specifiek ingegaan wordt op de aanbevelingen van ‘Samen Verder’ en het nieuwe landelijke convenant.
Enerzijds willen we dat burgers die aangewezen zijn op beschermingsbewind, daarvan ook in de toekomst gebruik kunnen blijven maken. Maar anderzijds geldt dat er meer vormen van ondersteuning mogelijk zijn. Waar het dan om gaat is dat we de best passende en de minst ingrijpende voorziening inzetten voor burgers die financiële ondersteuning nodig hebben. Dat is een belang dat we delen met de bewindvoerders.
Door nu de samenwerking met bewindvoerders op te zoeken, met elkaar in gesprek te gaan en van elkaar te leren, kunnen we gezamenlijk stappen zetten om de burger optimaal te ondersteunen. En daarbij voorkomen we dat we ingrijpende maatregelen moeten nemen om de kostenstijging te beïnvloeden.
We willen dat mensen de juiste vorm van ondersteuning krijgen. Dat is ook de strekking van de afspraken die in het kader van het project ‘Samen Verder’ gemaakt zijn. Lokaal gaan we samen met de bewindvoerders invulling geven aan de afspraken.
In de concepttekst van het convenant dat in het project ‘Samen Verder’ ontwikkeld is, wordt verwezen naar het VN verdrag van de rechten van de mens en artikelen 1:446a en 1:449 van het burgerlijk wetboek, waaruit blijkt dat beschermingsbewind opgeheven moet worden als met een meer passende en minder verstrekkende maatregel kan worden volstaan.
Dus als bewindvoering nodig is, wordt dat natuurlijk ook ingezet. Maar als bewindvoering niet nodig is, dan zijn wij als gemeente verantwoordelijk voor de juiste vorm van ondersteuning. En als later alsnog bewindvoering nodig blijkt te zijn, dan zullen we verwijzen naar de oorspronkelijke convenantpartners.
Uitgangspunt is dat we de best passende en minst ingrijpende voorziening inzetten voor burgers die financiële ondersteuning nodig hebben.
Om tot de juiste inschatting te komen, willen we gebruik maken van het wetenschappelijk ontwikkelde screeningsinstrument Mesis en dat willen we vastleggen in een het convenant.
Van essentieel belang is het dat de cliënt bij de aanvang van het proces goed wordt gescreend en dat op grond van een juiste onafhankelijke diagnose een realistisch plan wordt opgesteld. Vanuit de keuze om de cliënt de eigen zelfredzaamheid te laten benutten is het noodzakelijk om objectief te meten welke capaciteiten er zijn of kunnen komen. De diagnose kan vervolgens leiden tot het formuleren van een behandelplan.
Het presenteren van een onafhankelijke diagnose en behandelplan kan dan meegenomen worden bij aanvragen voor bewindvoering en – indien aan de orde - leiden tot conclusies van rechtbanken om niet mee te gaan in verzoeken van of namens de cliënt tot het instellen van beschermingsbewind. Door deze manier van werken mag een reductie van bewindvoering(skosten) verwacht worden.
Verder worden thema’s als communicatie, werkprocessen, rolverdeling, taakverheldering en kwaliteitsborging opgenomen in het convenant in de regio Maastricht-Heuvelland.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.3