Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Mandaat overige functionarissen

Onderdeel van Algemeen mandaatbesluit gemeente Dordrecht

De aan de gemeentesecretaris gemandateerde bevoegdheden worden gemandateerd aan: de directeur concern, de portefeuilledirecteuren, de clustermanagers, teamleiders, teamhoofden; projectleiders, budgetbeheerders, opgavemanagers, en aan de plaatsvervangers van de onder a, b en c genoemde functionarissen, met uitzondering van: de bevoegdheden die bij of krachtens de wet aan zijn functie zijn toegekend, en de bevoegdheden, genoemd in bijlage 2. De in het eerste lid genoemde functionarissen maken van het aan hen verleende mandaat slechts gebruik ten aanzien van aangelegenheden die behoren tot het werkterrein van hun cluster, tot de aan hen opgedragen opgave, project of tot hun eigen werkterrein. De clustermanager is bevoegd om mandaten die bij dit besluit aan onder hem ressorterende functionarissen zijn verleend, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk, in te trekken. Een dergelijk besluit wordt schriftelijk vastgelegd en ter informatie aan de gemeentesecretaris gezonden, tenzij het om een concrete, individuele en eenmalige aangelegenheid gaat. De in het eerste lid onder d bedoelde projectleiders maken van het aan hen verleende mandaat slechts gebruik binnen de vastgestelde kaders van het project en binnen het voor het project toegekende budget. Daarbij geldt dat projectleiders bevoegd zijn tot het aanbesteden en gunnen van een opdracht voor: een levering of dienst waarbij de totale waarde van de opdracht kleiner is dan € 125.000,- (exclusief omzetbelasting), of een werk waarbij de totale waarde van de opdracht kleiner is dan € 250.000,- (exclusief omzetbelasting). Zowel opdrachtgevers als leidinggevenden kunnen beperkingen opleggen aan het mandaat van de projectleider. De in het eerste lid onder e bedoelde budgetbeheerders maken van het aan hen verleende mandaat slechts gebruik voor het doel waarvoor het budget is toegekend en binnen de financiële grenzen van het aan hen toegekende budget. Daarbij geldt dat budgetbeheerders bevoegd zijn tot het aanbesteden en gunnen van een opdracht voor een levering, dienst of werk waarbij de totale waarde van de opdracht kleiner is dan € 30.000,- (exclusief omzetbelasting) en dat de bevoegdheden, zoals die zijn beschreven in de bijlagen 2 tot en met 5, prevaleren. Zowel opdrachtgevers als leidinggevenden kunnen beperkingen opleggen aan het mandaat van de budgetbeheerder. De in het eerste lid onder f bedoelde opgavemanagers maken, onder verantwoordelijkheid van een portefeuilledirecteur, van het aan hen verleende mandaat slechts gebruik binnen de vastgestelde kaders van de opgave of opgaveonderdeel en binnen het voor de opgave of het opgaveonderdeel toegekende budget. Daarbij geldt dat opgavemanagers bevoegd zijn tot het aanbesteden en gunnen van een opdracht voor: een levering of dienst waarbij de totale waarde van de opdracht kleiner is dan € 125.000,- (exclusief omzetbelasting), of een werk waarbij de totale waarde van de opdracht kleiner is dan € 250.000,- (exclusief omzetbelasting). De portefeuilledirecteur kan beperkingen opleggen aan het mandaat van de opgavemanager. De in bijlage 3 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de directeur concern, de portefeuilledirecteuren en de clustermanagers. De in bijlage 4 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teamleiders. De in bijlage 5 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de in deze bijlage genoemde functionarissen. Bij het gebruik van de bevoegdheden, die conform dit artikel zijn gemandateerd, gelden de hiërarchische lijnen onverkort.

Rechtspraak bij dit artikel