Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1:

Artikel 1:1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Emmen 2008

In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder: A. Rechthebbende: ieder, die over enig goed enige zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht, dan wel daarover enige feitelijke zeggenschap uitoefent. B. Weg: 1. de weg, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b. van de Wegenverkeerswet 1994 alsmede de daaraan liggende en als zodanig aangeduide parkeerterreinen; 2. alle voor publiek toegankelijke plaatsen, zoals pleinen, terreinen, parken, plantsoenen, speelweiden, bossen, natuurterreinen, stoepen, -al dan niet afsluitbare- trappen, portieken, gangen, passages, galerijen en dergelijke; de afsluitbare alleen gedurende de tijd dat zij niet door of vanwege de daartoe naar burgerlijk recht gerechtigde zijn afgesloten. C. Openbaar water: alle wateren die - al dan niet met enige beperking - voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn. D. Bebouwde kom: de bebouwde kom of kommen waarvan de raad de grenzen heeft vastgesteld overeenkomstig artikel 20a, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. E. Voertuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1, onder a en onder al (aa el), van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van treinen en kruiwagens, kinderwagens en dergelijke kleine voertuigen. F. Vaartuigen: alle vaartuigen, daaronder mede verstaan drijvende werktuigen zoals bagger-werktuigen, kranen, bokken, elevators, alsmede woonschepen, glijboten, ponten en voor de recreatievaart bestemde vaartuigen. G. Woonschepen: vaartuigen uitsluitend of hoofdzakelijk als woning gebezigd of tot woning bestemd. H. Snelle motorboot: een race-, glij- of speedboot alsmede een jetski, die een snelheid van meer dan 16 km per uur kan ontwikkelen. I. Vee: dieren die behoren tot de diersoorten genoemd in bijlage II, behorend bij artikel 55 van de Meststoffenwet. J. Horecabedrijf: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie worden bereid of verstrekt. Onder een horecabedrijf worden in ieder geval verstaan: een hotel, restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis Onder horecabedrijf wordt mede verstaan: een bij dit bedrijf behorend terras en de andere aanhorigheden K. Terras: een buiten de besloten ruimte van de inrichting liggend deel van het horecabedrijf waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken en/of spijzen voor directe consumptie worden bereid en/of verstrekt. L. Houder horecabedrijf: degene die een horecabedrijf exploiteert. M. Kort aanlijnen: aanlijnen van een hond met een lijn met een lengte, gemeten van hand tot halsband, die niet langer is dan 1,50 meter. N. Muilkorf: een muilkorf als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Regeling agressieve dieren (Stcrt. 1993, nr. 11). O. Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, welke op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, en bedoeld om ter plaatse te functioneren. P. Gebouw: elk bouwwerk dat een voor personen toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. Q. Prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. R. Prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. S. Prostitutiebedrijf: de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie wordt verricht Onder een prostitutiebedrijf worden in elk geval verstaan; een erotische massagesalon, sekstheater, bordeel of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. T. Escortbedrijf: de natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon, die bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend. U. Burgemeester: de burgemeester van de gemeente Emmen. V. Het College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen. W. Bevoegd bestuursorgaan: het college van burgemeester en wethouders, of voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester. Bevoegd gezag: het bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1. van de wet algemene bepalingen omgevingsrecht X. Bedrijfsafval: afvalstoffen niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke stoffen. Y. Inzamelmiddelen: Een voor de inzameling van bedrijfsafval bestemd hulp- en/of bewaarmiddel, waarin de (bedrijfs-)afvalstoffen ter inzameling worden aangeboden: a) minicontainer: een container voorzien van deksel en een inhoud tot 360 liter; b) rolcontainer: een verrijdbare container voorzien van wielen en afsluitbaar deksel met een inhoud vanaf 360 liter; c) vuilniszak: een kunststofzak met een inhoud tot 40 liter; d) kunststofvat: een vat veelal bestemd voor het inzamelen van oliën en vetten; e) overige voor de afvalstoffen bestemde hulp- en/of bewaarmiddelen. Z. Ligplaats: een met een woonschip in het water aan de walkant ingenomen plaats welke daartoe als zodanig is aangewezen. AA. Jachthaven: haven met de daarbij behorende grond waar overwegend gelegenheid wordt gegeven voor het aanleggen, afmeren of afgemeerd houden van pleziervaartuigen. BB. Kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto of caravan dan wel enig ander onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan, voorzover geen bouwwerk zijnde, waarvoor ingevolge artikel 40 van de Woningwet met een bouw-vergunning vereist is; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf. CC. Evenement: 1. onder evenement wordt verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak met uitzondering van: a. uitvoeringen, tentoonstellingen, bioscoopvoorstellingen, wedstrijden, vertoningen e.d. op plaatsen die kennelijk blijvend voor dit soort gebeurtenissen zijn ingericht; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Drank en Horecawet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; 2. onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid; b. een braderie; c. een optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:4, op de weg; d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg. DD. Betaald voetbal wedstrijden: 1. Onder organisator van een betaald voetbalwedstrijd wordt verstaan: a. de betaald voetbalorganisatie FC Emmen, als het betreft een voetbalwedstrijd, waarbij het eerste elftal van deze voetbalorganisatie als thuisspelende ploeg betrokken is, uitgezonderd wedstrijden buiten enig competitieverband tegen een amateur voetbalorganisatie; b. de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond, als het betreft een voetbalwedstrijd tussen voetbalorganisaties, afkomstig van buiten de gemeente Emmen, waarbij tenminste een betaald voetbalorganisatie is betrokken en in geval van wedstrijden tussen vertegen-woordigende elftallen; c. degene die, buiten de gevallen genoemd onder a en b, een voetbalwedstrijd organiseert, waarbij tenminste één betaald voetbalorganisatie is betrokken. 2. Voetbalwedstrijd: een voetbalwedstrijd georganiseerd door een onder a genoemde organisator. 3. Stadion: het voetbalstadion van FC Emmen, gelegen op het sportpark Meerdijk te Emmen. EE. Geluidhinder: In hoofdstuk 3, afdeling 2 wordt verstaan onder: a. Besluit: het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer; b. Inrichting: een inrichting type A of type B als bedoeld in het Besluit; c. Houder van een inrichting: degene die als eigenaar, bedrijfsleider, beheerder of anderszins een inrichting drijft; d. Collectieve festiviteit: festiviteit die niet specifiek aan één of een klein aantalinrichtingen is verbonden; e. Incidentele festiviteit: festiviteit of activiteit die gebonden is aan één of een klein aantal inrichtingen. FF. Venten: 1. Het in de uitoefening van de ambulante handel te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen op of aan de weg, aan huis dan wel op een andere voor het publiek toegankelijke en in de open lucht gelegen plaats, dan wel diensten aan te bieden. 2. Onder venten wordt niet verstaan: . het aan huis afleveren van goederen door of vanwege degene die dit doet ter exploitatie van zijn winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet; . het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen als bedoeld in het eerste lid op jaarmarkten en markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid onder h van de Gemeentewet of op snuffelmarkten als bedoeld in artikel 4:4 van deze verordening; . het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen als bedoeld in het eerste lid op een standplaats als bedoeld in artikel 4:3 van deze verordening. GG. Standplaatsen: 1. Het vanaf een vaste plaats op of aan de weg of op een andere voor het publiek toegankelijke en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of het anderszins aanbieden van goederen of diensten, al dan niet gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel. 2. Onder standplaats wordt niet verstaan: a. vaste plaatsen op jaarmarkten of markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid onder h, van de Gemeentewet; b. vaste plaatsen op evenementen als bedoeld in artikel 2:18; c. vaste plaatsen op snuffelmarkten als bedoeld in artikel 4:4. HH. Snuffelmarkt: Een markt in of op een - al dan niet met enige beperking - voor het publiek toegankelijk gebouw of plaats waar ter plaatse aanwezige goederen worden verhandeld of waar met een kraam, een tafel of een ander middel standplaats wordt ingenomen om goederen aan publiek aan te bieden, te verkopen of te verstrekken. II. Incidentele asverstrooiing: het verstrooien van as als bedoeld in de Wet op de lijkbezorging op een door de overledene of nabestaande(n) gewenste plek buiten een permanent daartoe bestemd terrein. JJ. Parkeerexcessen: In hoofdstuk 4, afdeling 4 wordt verstaan onder: 1. weg: de weg, als bedoeld in artikel 1:1, onder B, van deze verordening; 2. voertuigen: alle voertuigen met uitzondering van: a. treinen; b. fietsen en bromfietsen; c. invalidenvoertuigen in de zin van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; d. kruiwagens, kinderwagens en dergelijke kleine voertuigen, rolstoelen; 3. parkeren: het laten stilstaan van een voertuig anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van passagiers of voor het onmiddellijk laden of lossen van goederen. KK. Voertuigwrak: een voertuig dat rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud en tevens in een kennelijk verwaarloosde staat verkeert.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel