In deze verordening wordt verstaan onder:
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oosterhout;
de wet: de Wet werk en bijstand;
WTOS: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten;
WSF 2000: Wet studiefinanciering 2000;
bijstandsnorm: Voor personen tussen de 21 en 27 jaar de voor belanghebbende van toepassing zijnde norm, genoemd in artikel 26 lid b, artikel 27 lid b of artikel 28 lid 8 Wet investeren in jongeren. Voor personen vanaf 27 jaar de voor belanghebbende van toepassing zijnde norm genoemd in artikel 21 van de Wet werk en bijstand. Voor alleenstaande (ouders) vermeerderd met de maximale toeslag genoemd in artikel 30 Wet investeren in jongeren, respectievelijk artikel 25 van de Wet werk en bijstand;
uitkeringsgerechtigde: persoon bedoeld in artikel 1 onder l van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
vermogen: vermogen als bedoeld in artikel 34 van de wet;
referteperiode: een periode van 36 maanden voorafgaand aan de peildatum;
peildatum: de datum waarop in enig jaar het recht op de langdurigheidstoeslag ontstaat;
inrichting: een inrichting als bedoeld in artikel 1 onder g van de wet;
inkomen: inkomen als genoemd in artikel 32, lid 1 sub a van de wet.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand gemeente Oosterhout 2009