1. De voorzitter en de leden van de commissie treden af op de dag van het aftreden van de bestuursorganen van de GR. Het is mogelijk dat zij terstond herbenoemd worden.
2. De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het dagelijks bestuur van de GR.
3. De aftredende voorzitter, leden en het plaatsvervangend lid van de commissie blijven hun functie waarnemen totdat in hun opvolging is voorzien.