Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Verordening Starterslening 2017

Het college trekt een besluit tot toewijzing van de Starterslening geheel of gedeeltelijk in wanneer: er niet is voldaan aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften en/of bepalingen; de Starterslening is toegekend of de hoogte daarvan is vastgesteld op grond van onjuiste opgave van gegevens door de aanvrager. er in woningen of lokalen dan wel in of op bij woningen of zodanige lokalen behorende erven soft- dan wel harddrugs wordt verkocht, afgeleverd, of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is; de koopovereenkomst van de betreffende eigen woning wordt ontbonden; er sprake is van een stapeling met andere koopinstrumenten, (rente)kortings- of financiële regelingen, die in strijd zijn met de Starterslening en/of de belangen aantasten van de gemeente, de aanvrager, de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen of de eerste geldverstrekker. het vastgesteld budget voor het verstrekken van Startersleningen ontoereikend is. Bij intrekking kan het college de totale openstaande saldo ( inclusief Combinatielening) en de contante waarde van het reeds genoten en/of toekomstige rentevoordeel geheel of gedeeltelijk (terug)vorderen, eventueel met de mogelijkheid van beslaglegging. Bij toepassing van het eerste en tweede lid houdt het college rekening met de mate van verwijtbaarheid van de handelswijze van de aanvrager, op basis hiervan kan het college intrekking of de in het tweede lid genoemde sancties geheel of gedeeltelijk achterwege laten.

Rechtspraak bij dit artikel