1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen
worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.
2. In afwijking van het eerste lid geldt dat, zolang de verschuldigde bedragen door middel van
automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven de aanslagen worden betaald in
tien termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste werkdag van de maand volgend op die
welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen
telkens op de laatste werkdag van de daaropvolgende maand.
3. De reinigingsrechten bedoeld in artikel 14, tweede lid moeten worden betaald ingeval
de kennisgeving:
a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;
b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.
4. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden genoemde termijnen.
Artikel 17.
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Schouwen-Duiveland 2018