Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 12.

Loonkostensubsidie

Onderdeel van Verzamelverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Gemeente Epe

1. . Het college stelt ambtshalve of op schriftelijk verzoek van een belanghebbende vast of een belanghebbende behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. 2. . Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht: een belanghebbende moet behoren tot de doelgroep loonkostensubsidie als bedoeld in artikel 7 lid 1 onderdeel a van de PW of artikel 10d lid 2 van de PW; de belanghebbende is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen; en die belanghebbende heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie. 3. . Het college kan advies inwinnen over het oordeel of een belanghebbende tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort. De adviseur neemt daarbij de in het tweede lid neergelegde criteria in acht. 4. . Om de loonwaarde vast te stellen, maakt het college gebruik van een gecertificeerde en daarmee geobjectiveerde methode en applicatie die tenminste voldoet aan de Regeling loonkostensubsidie van de PW en waarvoor binnen de arbeidsmarktregio uniform is gekozen. 5. . De loonkostensubsidie wordt verleend als: een arbeidsovereenkomst van minimaal 12 uur per week kan worden overlegd; de arbeidsovereenkomst voor de duur van minimaal zes maanden wordt aangegaan. 6. . Het college kan een onverschuldigd betaalde loonkostensubsidie terugvorderen op de grondslag van artikel 4:57 van de Awb.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel