Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2.

Artikel 3.8

Het onderzoek

Onderdeel van Verordening jeugdhulp Purmerend 2018

1.. het loket jeugd doet onderzoek waaruit in ieder geval blijkt: wat de hulpvraag van de jeugdige en/of zijn ouders zijn; wat de jeugdige, zijn ouders en het sociale netwerk zelf kunnen doen om de hulpvraag te beantwoorden; of en welke ondersteuning nodig is in de vorm van een individuele voorziening; op welke wijze de ondersteuning bedoeld in artikel 3.6, lid 1 onder b, c en d wordt afgestemd met andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning of werk en inkomen; wat de beoogde resultaten zijn van de ondersteuning of er mogelijk gebruik wordt gemaakt van een pgb, waarbij de jeugdige of zijn ouders in begrijpelijke bewoordingen worden ingelicht over de gevolgen van die keuze. 2.. Het onderzoek kan worden gedaan door middel van: Eén of meerdere gesprekken met de jeugdige en/of ouders; Dossieronderzoek; Eén of meerdere gesprekken met andere betrokkenen. 3.. Uitkomsten van het onderzoek kunnen worden vastgelegd in een perspectiefplan 4.. De wijze van het onderzoek is passend bij de hulpvraag en de situatie van de aanvraag 5.. Wanneer een jeugdige en/of zijn ouders zwaarwegende bezwaren hebben tegen de betrokkenheid van het loket jeugd bij de toetsing van het perspectiefplan kunnen zij gebruik maken van een opt-out0regeling het college neemt dan het besluit enkel op aanwijzing van de jeugdhulpaanbieder [dat inzet van hoogspecialistische jeugdhulp noodzakelijk is en dat een perspectiefplan opgesteld is]. 6.. Het college kan nadere regels tellen over de toegangsprocedure tot jeugdhulp en over het perspectiefplan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel