Kinderopvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint.
Peuteropvang regulier: een aanbod voorschoolse opvang voor peuters van 2 tot 4 jaar van minimaal 1 en maximaal 2 dagdelen tot maximaal 8 uur per week gedurende maximaal 40 weken.
Vervallen.
Voorschoolse educatie: uitvoering van een door het college gesubsidieerd programma voor- en vroegschoolse educatie (VVE) dat gericht is op het verbeteren van de voorwaarden voor het met succes instromen in het basisonderwijs voor kinderen die nog niet tot een school kunnen worden toegelaten.
Niet-toeslagouder(s): ouder(s) die geen recht heeft/hebben op de kinderopvangtoeslag van de rijksoverheid.
LRK: Landelijk Register Kinderopvang waarin aanbieders van peuteropvang en VVE die voldoen aan de Wko zijn opgenomen.
Kinderopvangtoeslag: een tegemoetkoming van het Rijk als bedoeld een financiële bijdrage van het Rijk op grond van een inkomensafhankelijke regeling in de kosten van kinderopvang.
Ouderbijdrage of eigen bijdrage: de inkomensafhankelijke bijdrage die door de ouders betaald wordt aan de aanbieder. De hoogte van de ouderbijdrage wordt door de (VVE-)aanbieder bepaald aan de hand van het meest recente verzamelinkomen met een Inkomensverklaring.
Ouderbijdragetabel: adviestabel ouderbijdragen van de VNG.
VGGM: Veiligheids- en Gezondheidsregio Midden-Gelderland.
Inkomensverklaring: de Verklaring Geregistreerd Inkomen (VGI), te verkrijgen bij de Belastingdienst.
Landelijk uurtarief: het maximumuurtarief voor dagopvang (peuter- en kinderopvang), opgesteld door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Voor 2021 is dit tarief geïndexeerd door de VNG met 3,5% en komt uit op € 8,46.
VVE uurtarief: VVE uurtarief: voor 2021 is dit tarief geïndexeerd met hetzelfde percentage als in artikel 1 onder l (3,5%) en komt uit op € 10,02.
Doelgroeppeuter: een peuter met een door het consultatiebureau afgegeven VVE-indicatie. Een peuter ontvangt deze van het consultatiebureau wanneer de peuter op twee opeenvolgende consulten niet voldoet aan de minimum spreeknorm, er een risico bestaat op een taalachterstand en/of communicatieproblemen, en/of de peuter opgroeit in een taalarme omgeving. Hiervoor wordt het Van Wiechenschema gebruikt.
Sociaal Medische Indicatie (SMI): indicatie voor opvang van een kind waarvan de ouders ontlast moeten worden, of waarvan geldt dat ze in hun ontwikkeling worden bedreigd, waarbij opvang dus als noodzakelijk wordt geacht en waarbij er geen sprake is van andere mogelijkheden.
Dagdeel: een dagdeel betreft 4 uur.
Peuterformulier: een door de (VVE-)aanbieder te gebruiken formulier waarin aanbieders het aantal afgenomen uren, het aantal weken, het gehanteerde uurtarief (maximale uurtarieven van peuteropvang en VVE zijn vastgesteld) en de hoogte van de ouderbijdrage per maand invullen. Dit formulier wordt gebruikt voor de verantwoording en afrekening van de subsidie.
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Nadere regels peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente Rheden 2018