**1..** Bij de invordering van de afvalstoffenheffing kan, indien van toepassing, kwijtschelding worden verleend:
indien hoofdstuk 1 onderdeel 1.1.1 van de tarieventabel van toepassing is:
van de op grond van hoofdstuk 1 onderdeel 1.1.1 verschuldigde belasting;
van de op grond van hoofdstuk 2 onderdeel 2.1.1 verschuldigde belasting tot maximaal het bedrag dat is verschuldigd voor 13 inworpen (op jaarbasis);
van de op grond van hoofdstuk 2 onderdeel 2.1.2 verschuldigde belasting tot maximaal het bedrag dat is verschuldigd voor 4 ledigingen (op jaarbasis).
indien hoofdstuk 1 onderdeel 1.1.2 van de tarieventabel van toepassing is:
van de op grond van hoofdstuk 1 onderdeel 1.1.2 verschuldigde belasting;
van de op grond van hoofdstuk 2 onderdeel 2.1.1 verschuldigde belasting tot maximaal het bedrag dat is verschuldigd voor 26 inworpen (op jaarbasis);
van de op grond van hoofdstuk 2 onderdeel 2.1.2 verschuldigde belasting tot maximaal het bedrag dat is verschuldigd voor 9 ledigingen (op jaarbasis).
**2..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt of eindigt, wordt het aantal inworpen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel 1.1 sub b en onderdeel 1.2 sub b of het aantal ledigingen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel 1.1 sub c en onderdeel 1.2 sub c berekend naar rato van het aantal volle kalendermaanden gedurende welke de belastingplicht bestaat.
**3..** Bij de invordering van de afvalstoffenheffing bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 10
Kwijtschelding
Onderdeel van De Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2018