De dorps- of wijkraad vergadert tenminste 4 maal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter dit nodig acht of als tenminste een vijfde deel van de dorps- of wijkraad het verzoek daartoe schriftelijk en met vermelding van redenen aan de voorzitter kenbaar maakt.
Met betrekking tot de oproeping van de leden is, voorzover mogelijk, artikel 19 van de gemeentewet van toepassing, met dien verstande, dat daar waar "de burgemeester" wordt genoemd "de voorzitter" wordt gelezen.
De voorzitter draagt er zorg voor, dat tegelijk met de in artikel 17, lid 2 vermelde oproeping de datum, de plaats en het aanvangstijdstip van de vergadering van de dorps- of wijkraad ter openbare kennis van de bewoners worden gebracht.
De agenda- en bijbehorende bijlagen- van de vergaderingen, alsmede een opgave van de ingekomen stukken en van de verdere bescheiden dienen - zo mogelijk - tenminste vijf dagen voor de vergadering op een voor ieder toegankelijk adres in het werkgebied van de dorps- of wijkraad ter inzage te worden gelegd; hiervan moet in een openbare publicatie melding worden gemaakt.
Tegelijkertijd dient de dorps- of wijkraad alle in lid 4 bedoelde stukken, alsmede de notulen van de gehouden vergaderingen ter kennisneming toe te zenden aan burgemeester en wethouders, met dien verstande, dat notulen van een besloten vergadering vertrouwelijk worden toegezonden.
Hoofdstuk II
Artikel 17
Artikel 17
Onderdeel van Verordening op de overlegstructuren binnen de gemeente Emmen