Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Subsidieverordening Blijverslening gemeente Dordrecht

Beschikkingenprocedure; toewijzing en intrekking van een blijverslening 1. Het college beslist binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag is ingediend omtrent een aanvraag voor het verstrekken van een blijverslening. 2. Het college kan zijn beslissing voor ten hoogste acht weken verdagen. Hiervan doet het de eigenaar binnen de genoemde periode van drie maanden schriftelijk mededeling. 3. Het college deelt een besluit als bedoeld in dit artikel schriftelijk en met redenen omkleed aan de eigenaar mee. 4. Een verleningsbeschikking van een blijverslening omvat de vastgestelde subsidiabele kosten van de maatregelen alsmede de berekening die hieraan ten grondslag ligt. 5. De hypothecaire blijverslening wordt vastgelegd in een notariële akte. Bij een consumptieve blijverslening volstaat een onderhandse akte. 6. Het college trekt een besluit tot verlening in, indien: a. de maatregelen niet binnen een jaar na toewijzing van de lening zijn uitgevoerd; b. er een negatieve krediettoets wordt uitgebracht; c. de blijverslening is toegekend of vastgesteld op grond van onjuiste gegevens. 7. Ingeval er sprake is van het gestelde in lid 6 van dit artikel, dan wel de eigenaar één of meer van de voorwaarden als bedoeld in deze verordening niet naleeft, besluit het college al naar gelang de ernst van de overtreding: a. een besluit tot toekennen en/of vaststelling van een blijverslening geheel of gedeeltelijk in te trekken; b. een reeds van kracht geworden blijverslening op te eisen; c. een reeds uitbetaalde blijverslening, waaronder mede begrepen een eventueel uitbetaald voorschot en kosten die de gemeente moet maken ten behoeve van de terugvordering, geheel of gedeeltelijk terug te vorderen.

Rechtspraak bij dit artikel