Naar hoofdinhoud
Met een hulpvraag maakt de jeugdige en/of een (pleeg) ouder duidelijk dat hij behoefte heeft aan ondersteuning en dat hij te maken heeft met belemmeringen in zijn zelfredzaamheid. Een voogd kan namens een minderjarige ook een hulpvraag melden. De melding kan schriftelijk, elektronisch, telefonisch of mondeling worden gedaan bij de gemeente Doetinchem, Laborijn of op locatie bij het Buurtplein. De jeugdige en/of een (pleeg) ouder kan zich door een derde laten bijstaan om de melding toe te lichten. In de praktijk kan ook een pleegouder of een ander die de minderjarige verzorgt en opvoedt, zich melden met een hulpvraag; in dat geval wordt afhankelijk van de leeftijd van de minderjarige, zoveel mogelijk afstemming gezocht met de wettelijk vertegenwoordiger en worden het toestemmingsvereiste voor inzetten van jeugdhulp en het woonplaatsbeginsel gerespecteerd. Daar waar in deze nadere regels de ouder genoemd wordt, kan met inachtneming van het bovenstaande met betrekking tot de melding van een hulpvraag en cliëntondersteuning dus ook de pleegouder worden gelezen. In de wijk kan de jeugdige en/of een ouder terecht bij de buurtcoach en de jeugd- en gezinswerker. Maar ook bij de wijkverpleegkundige of de huisarts. Met deze partijen zoekt de gemeente afstemming zodat een jeugdige en/of een ouder altijd “aan het goede loket is”. Zodra duidelijk is dat de hulpvraag zich concentreert op jeugd-/ opgroei- en/of opvoedproblematiek, wordt de vraag door een jeugd- en gezinswerker opgepakt. Het streven is dat binnen 48 uur na de melding telefonisch contact wordt gezocht met de inwoner en dat uiterlijk binnen twee weken na de eerste melding een gesprek plaatsvindt.

Rechtspraak bij dit artikel