Het college zorgt ervoor dat de administratie zodanig van opzet en werking is, dat zij in ieder geval bijdraagt aan:
het sturen en het beheersen van activiteiten en processen en het afleggen van verantwoording;
het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden, contracten en waardedocumenten;
het verschaffen van informatie over uitputting van toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties;
de controle van de registratie van gegevens en de daaraan ontleende informatie voor de controle op rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur.