Naar hoofdinhoud

Artikel 3:

geen aanspraak op een tegemoetkoming

Onderdeel van Verordening kinderopvang op indicatie Midden Groningen 2018

Een aanvrager heeft geen aanspraak op een tegemoetkoming als: Er een passende voorliggende voorziening is zoals onder meer regulier kinderopvang (Wko), VVE, z gefinancierde opvang, informele opvang (familie, kennissen etc.). de aanvrager en of het kind een vreemdeling is en niet gelijk is te stellen met een Nederlander, conform artikel 1 van de Participatiewet; Het gezamenlijk bruto inkomen van aanvrager en zijn of haar partner op de peildatum hoger is dan twee en half keer het bruto wettelijk minimumloon vanaf 23 jaar. Geen gebruik gemaakt wordt van de goedkoopste toereikende voorziening; of De ouder niet bereid is om hulpverlening te accepteren om aan de oorzaak van de reden voor de aanvraag te werken.

Rechtspraak bij dit artikel