Wethouders hebben aanspraak op een vergoeding van de reis- en verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt, bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel b, van het Rechtspositiebesluit wethouders binnen en buiten het grondgebied van de gemeente, overeenkomstig artikel 4 van de Regeling rechtspositie wethouders, zijnde:
Bij gebruik van een eigen personenauto voor dienstreizen een vast bedrag per afgelegde kilometer;
De kosten van dienstreizen waarbij gebruik wordt gemaakt van openbaar vervoer of taxi;
De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten.
Artikel 11.
Zakelijke reis- en verblijfkosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie raadsleden,(raads-)commissieleden en wethouders Midden-Groningen 2018