Naar hoofdinhoud
Ten aanzien van de grondexploitatie heeft de commissie BBV een nieuwe notitie opgesteld. In deze notitie wordt aangegeven hoe de rente berekend moet worden aan de hand van een stellige uitspraak. Er wordt onderscheid gemaakt in bouwgronden in exploitatie (BIE) en niet in exploitatie genomen gronden (NIEGG). Aan de BIE mag rente toegevoegd worden en aan NIEGG niet. Stellige uitspraak: De toegestane toe te rekenen rente aan BIE moet worden gebaseerd op de daadwerkelijk te betalen rente over het vreemd vermogen. Het is niet toegestaan om rente over het eigen vermogen toe te rekenen aan BIE. Het over het vreemd vermogen te hanteren rentepercentage moet als volgt worden bepaald: het rentepercentage van de direct aan de grondexploitatie gerelateerde financiering in het geval van projectfinanciering; het gewogen gemiddelde rentepercentage van de bestaande leningenportefeuille van de gemeente, naar verhouding vreemd vermogen/totaal vermogen, indien geen sprake is van projectfinanciering; Indien de gemeente geen externe financiering heeft, dan wordt geen rente toegerekend aan BIE. Aanvullend: De rentelasten betreffen de begrote rentelasten over het vreemd vermogen. BBV-technisch behoeft hier per ultimo boekjaar geen nacalculatie op te worden uitgevoerd. Ten behoeve van de fiscale winstbepaling dienen wel de feitelijk gerealiseerde rentelasten te worden bepaald. De verhouding vreemd vermogen (VV) ten opzichte van totaalvermogen (TV) is de feitelijke verhouding per begin van het betreffende boekjaar. Voor de rentetoerekening in jaar-T betekent dit dat de verhouding VV/TV per 1 januari van jaar-T wordt gehanteerd. Bij de bepaling van de verhouding VV/TV worden de voorzieningen gerekend tot het vreemd vermogen. Ten aanzien van de rente die wordt gehanteerd in de berekeningen van de meerjaren-grondexploitatiebegroting geldt een coulanceregeling (Notitie grondexploitatie, commissie BBV): Om te voorkomen dat de renteparameter in de meerjarenprognose van de grondexploitatiebegroting ook elk jaar fluctueert, is het mogelijk om als gemeente te kiezen voor het rekenen met een stabiel rentepercentage in de meerjarenprognose. Dit betreft dan het rentepercentage zoals berekend in het jaar van vaststellen van de grondexploitatiebegroting en kan alleen gehanteerd blijven indien de werkelijke rente niet meer afwijkt dan 0,5% boven of onder het initieel vastgestelde rentepercentage. Voorstel: Het rentepercentage toe te rekenen aan BIE vast te stellen op basis van een reële inschatting.

Rechtspraak bij dit artikel