Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 2

Algemene bepaling met betrekking tot de bevoegdheid tot herziening, intrekking, terugvordering, verrekening en brutering

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering, boete en verhaal gemeente Kerkrade 2018

1.. Het college acht zich verplicht tot de aanpak van fraude. In dit kader: a. herziet het college in beginsel het recht op uitkering dan wel trekt het recht op uitkering in op grond van artikel 54 lid 3 van de Wet b. maakt het college met inachtneming van deze beleidsregel in beginsel gebruik van de bevoegdheid tot terugvordering zoals deze haar op grond van artikel 58, tweede lid en artikel 59 van de Wet alsmede artikel 25, tweede lid en derde lid en artikel 26 van de IOAW en IOAZ toekomt c. maakt het college ten volle gebruik van de wettelijke verrekeningsbevoegdheid. d. Indien de vordering evenwel betrekking heeft op het lopende boekjaar én belanghebbende de vordering voldoet voor het einde van het boekjaar, kan belanghebbende volstaan met een nettobetaling van de vordering. Bij uitblijven van volledige voldoening van de vordering vóór het einde van het boekjaar, wordt het restant van de vordering alsnog gebruteerd. e. Indien sprake is van een dringende reden vindt geen brutering van de vordering plaats. f. indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan het college besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening, intrekking of terugvordering af te zien. g. Indien bij beëindiging van de uitkering een vordering open staat van minder dan 25 euro, kan het college besluiten af te zien van terugvordering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel