**1..** Het college weigert een voorziening in het kader van deze beleidsregels in ieder geval, indien:
a. de niet-uitkeringsgerechtigde, dan wel diens partner, een inkomen geniet dat minimaal gelijk is aan 150 procent van het netto wettelijk minimumloon;
b. de niet-uitkeringsgerechtigde of de Anw-er eerder een voorziening krachtens de Participatiewet dan wel de Wet werk en bijstand verwijtbaar heeft beëindigd;
c. de persoon niet langer tot de doelgroep van de Participatiewet, dan wel de Participatieverordening behoort.
**2..** Het college kan een voorziening beëindigen, indien:
a. de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichtingen dienaangaande niet nakomt;
b. de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van de verordening;
c. de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
d. naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling;
e. de persoon niet naar behoren gebruik maakt van de aangeboden voorziening.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 1.
Artikel 2.
Weigeren en beëindigen van voorzieningen
Onderdeel van Beleidsregels re-integratie Kerkrade 2018