Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 25

Artikel 25

Onderdeel van Verordening beheer begraafplaatsen 2005

Ruiming, bezorging van overblijfselen en as Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste een 3 maanden voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden op het graf te plaatsen aanwijzing ter kennis van de belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende op het graf aan hen bekend is. In dat geval maken zij hem uiterlijk 3 maanden voor het genoemde tijd- stip per brief aan hem bekend. De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een daartoe bestemde, afgesloten gedeelte van de begraafplaats. Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende het in eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders. De rechthebbende op een eigen graf kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weder in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien.

Rechtspraak bij dit artikel