Het door de gemeente georganiseerde aangepast vervoer gaat van de woning naar de school en terug. Een leerling kan een tweede adres hebben waar hij/zij wordt opgehaald en/of afgezet. Als er voor het vervoer een opstapplaats wordt gehanteerd, dan is vervoer naar een ander adres alleen in bijzondere situaties mogelijk.
Voorwaarden voor een afwijkend adres:
• De leerling heeft maximaal één extra adres;
• De leerling verblijft op vaste, structurele dagen op dit adres;
• Het adres ligt binnen de gemeente, bij voorkeur langs de route;
• Vervoer naar het tweede adres mag niet leiden tot meer kosten dan vervoer naar de woning;
• Overige leerlingen in het betreffende vervoermiddel mogen er geen onevenredig veel nadeel van ondervinden.