Indien belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan, als bedoeld in artikel 18, tweede lid van de wet, heeft betoond, wordt een maatregel van 20% opgelegd gedurende een periode overeenkomstig onderstaande tabel:
Onverantwoord besteed/periode eerder of langer in de uitkering
Duur maatregel
Tot € 1.500/
0 - 2 maanden
1 maand
Van € 1.500 tot € 5.000/
2- 4 maanden
3 maanden
Van € 5.000 tot € 10.000/
4-8 maanden
6 maanden
Van € 10.000 tot € 20.000/
8-16 maanden
9 maanden
Van € 20.000 tot € 40.000/
16-32 maanden
12 maanden
Vanaf € 40.000/
vanaf 32 maanden
18 maanden
Indien belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft betoond en de periode of de hoogte van het bedrag, als bedoeld in de tabel in het eerste lid van dit artikel, beiden niet vast te stellen zijn, wordt een maatregel van 20% gedurende een periode van 6 maanden opgelegd.
Onder tekortschietend besef wordt in ieder geval begrepen het op onverantwoorde wijze besteden van vermogen, waarbij inbegrepen het doen van een schenking of het geen aanspraak maken op of het niet te gelde maken van voorliggende voorzieningen voorafgaand aan of tijdens de bijstandsverlening.
Hoofdstuk 4
Artikel 34
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Verordening Participatiewet