Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 11

Regels voor pgb

Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp Rijssen-Holten 2018

Voorwaarden om in aanmerking te komen voor een PGB Een persoonsgebonden budget wordt verstrekt, indien: de cliënt naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat is te achten tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger, de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; de cliënt zich gemotiveerd op het standpunt stelt dat de individuele voorziening die wordt geleverd door een aanbieder, door hem niet passend wordt geacht; naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de diensten en andere maatregelen die tot de individuele voorziening behoren en die de cliënt van het budget wil betrekken, van goede kwaliteit (veilig, doeltreffend en cliëntgericht) zijn. PGB voor sociaal netwerk Het inzetten van een PGB voor ondersteuning vanuit het sociaal netwerk is mogelijk. Hierbij is van belang dat de hulp vanuit de omgeving de gebruikelijke ondersteuning te boven gaat. In het onderzoek komt aan de orde waarom er bovendien financiële waardering nodig is voor ondersteuning vanuit de sociale omgeving. Daarnaast moet worden gemotiveerd waarom ondersteuning vanuit het sociaal netwerk leidt tot betere en effectievere ondersteuning. Dit wordt bepaald aan de hand van de volgende afwegingscriteria: het type ondersteuning dat wordt geleverd de frequentie van de ondersteuning de duur van de ondersteuning (tijdelijk/structureel) mate van verplichting; welke problemen ontstaan er als de ondersteuner uit het sociaal netwerk een keer niet kan? Weigeren PGB Een PGB mag alleen worden geweigerd voor dat deel van het budget, dat hoger is dan zorg in natura voor een vergelijkbare hulpvraag. Een PGB wordt verder geweigerd wanneer: blijkt dat de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; de cliënt niet voldoet aan de aan het toekennen van een PGB verbonden voorwaarden; de cliënt het PGB niet gebruikt of voor een ander doel gebruikt. Conform de Jeugdwet is spoedzorg – vanwege het spoedeisende karakter (net als bij terminale zorg) uitgesloten van een PGB. Besteding PGB PGB budgethouders mogen vanuit het budget de volgende uitgaven doen: Alle bijkomende kosten voor de zorgverleners, zoals de werkgeverslasten voor zorgverleners met een arbeidsovereenkomst en wettelijk toegestane vergoedingen, zoals reiskostenvergoedingen voor woonwerkverkeer, verlofregelingen, pensioenvoorziening en spaarloon. Vervoerskosten, maar alleen als er een beschikking is voor begeleiding in dagdelen (dagopvang), samen met een indicatie voor vervoer van en naar de plek waar die begeleiding geboden wordt. Maximaal 13 weken PGB in EU-landen. Budgethouders kunnen maximaal 13 kalenderweken ondersteuning inkopen in het buitenland (binnen de EU). Wanneer een budgethouder langer dan een aaneengesloten periode van 6 weken naar het buitenland (binnen EU) gaat, dan moet hij vóóraf toestemming vragen aan de gemeente om het PGB in het buitenland (binnen EU) te besteden of dit opnemen in het ondersteunings- en budgetplan. PGB budgethouders mogen vanuit het budget in ieder geval de volgende uitgaven niet doen: Kosten voor bemiddeling. Kosten voor het voeren van een PGB-administratie. Kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van het PGB. Contributie voor het lidmaatschap van Per Saldo, kosten voor het volgen van cursussen over het PGB, kosten voor het bestellen van informatiemateriaal. Alle zorg en ondersteuning die onder een andere wet dan de Wmo en Jeugdwet vallen. Alle zorg en ondersteuning die onder een algemene voorziening en/of algemeen gebruikelijke voorzieningen. Ondersteuning inkopen buiten EU-landen. Controle op kwaliteit en financiën is dan nauwelijks mogelijk. Aandachtspunt: de cliënt mag geen ouderbijdrage uit het PGB betalen. Verantwoording PGB Verantwoording gebeurt over het totale PGB, er is geen verantwoordingsvrije voet. De financieel-administratieve afhandeling van het PGB gebeurt per 2015 verplicht voor alle PGB-houders door de SVB. De budgethouder heeft een trekkingsrecht en krijgt niet meer zelf het budget overgemaakt. Alle bestedingen worden door de SVB bijgehouden en zijn inzichtelijk voor de budgethouders en gemeente. Naast de verantwoording over het bestede bedrag aan de SVB, dient de budgethouder in de (tussen)evaluatie van het ondersteuningsplan aan te geven wat de behaalde resultaten zijn met het persoonsgebonden budget en de daaraan verbonden voorwaarden, waaronder de vraag of de ingekochte ondersteuning aan de kwaliteitseisen voldoet.

Rechtspraak bij dit artikel