Naar hoofdinhoud
1.. Elke fractie legt, binnen drie maanden na het einde van een kalenderjaar, verantwoording af over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning door het verstrekken van een overzicht aan de griffier. 2.. De griffier rapporteert aan de raad over de door de fracties verstrekte verantwoording. 3.. In geval van bestedingen in strijd met artikel 2 kan het overleg van fractievoorzitters besluiten tot terugvordering van het betreffende bedrag of verrekening met toekomstige bijdragen. 4.. In geval een verantwoording over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning niet binnen de in het eerste lid gestelde termijn geschiedt of de verantwoording daartoe aanleiding geeft kan het overleg van fractievoorzitters besluiten tot het instellen van accountantsonderzoek. Indien dit accountantsonderzoek daartoe aanleiding geeft, dan wel wanneer geweigerd wordt hieraan medewerking te verlenen kan het overleg van fractievoorzitters besluiten tot terugvordering van de bijdrage (of een gedeelte daarvan) of verrekening met toekomstige bijdragen. 5.. In geval een fractie gedurende een kalenderjaar bij minder dan 30% van de vergaderingen van de raad vertegenwoordigd is geweest kan het overleg van fractievoorzitters besluiten tot terugvordering van de bijdrage (of een gedeelte daarvan) of verrekening met toekomstige bijdragen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel